LLB wil het anders Zaken die anders en beter kunnen
In het vorige bestuur ( met agrarisch meerderheid) is op de valreep is nog het waterbeheerplan van het wetterskip stgesteld. Het vormt met de het waterhuishoudingsplan ( met een s) van de provinsje Fryslân en ook de gezamenlijke kaarten een drie-eenheid. De periode van zienswijze is afgesloten. De commissie MER heeft het ook tegen het licht gehouden en de voornamelijk kritiek geuit op het peilbeleid. De waterplannen van provincie en wetterskip hebben te veel een gehalte van streven, proberen en hopen, teveel aan gewenst en mogelijk. Er is te weinig geconstateerd hoe de situatie is, waar het heen moet en hoe is de weg van oorsprong naar bestemming concreet wordt afgelegd. Dan krijg je een zwabberbeleid met onzekerheden. Eerst moet de situatie worden onderkend. Het in het vorige plan vastgestelde vaste peil wordt gehandhaafd. Juist dit vaste peil gebaseerd op drooglegging van gewassen is eenzijdig. Inmiddels is het belang van anderen dat ook meetelt. Zoals van woonbestemmingen en natuur. Van cultuurelementen zoals molens en monumentale boerderijen. Dat is niet meer met een hoogwatercircuit op te vangen. Ook verdroging, maar verzuring en vermesting door landbouwkundig gebruik moet worden opgelost. Ook voor de toekomst moet men rekening houden met zaken. Verder moet de toekomstige inklinking mee worden genomen. Inklinking gebeurt door oxidatie van het veenweidegebied ,Door de klimaatverandering moet er meer aandacht zijn voor de waterkeringen en waterafvoer.
Lagere Lasten Burger stelt dan voor:
Omdraaiing van “functie bepaalt peil” naar “peil bepaalt functie” in veenweidegebieden. Voor de gebieden die veenlaag hebben minder 40 cm zou de geen peilaanpassing meer plaats moeten vinden. Dit is 17% van de oppervlakte landbouwgebied. Dit zou betekenen dat deze gronden natter worden. Dat is niet direct het geval en niet het gehele jaar. Maar de bedrijfsvoering moet daar op worden aangepast.
Vergroting van polderberging en peilvakken. Lagere Lasten Burger is een voorstander van het streng invoeren van 3% berging voor elk agrarisch bedrijf. Peilvakken moeten gecombineerd worden
Polderdijken terugleggen. Ter plaatse moet de polderdijk land inwaarts worden gelegd. De berging in de boezem wordt dan iets groter, het talud kan dan worden gewijzigd en de aanliggende eigenaar krijgt dan een goede vergoeding. Kadastraal hoeft er ook niets gewijzigd te worden.
Gebiedseigen grond gebruiken in plaats van grond aanvoeren.
Duurzaam peilbeheer: afstromen boven pompen en gevolgschade voorkomen
Sjerp de Jong